homerapportenservicecolofonabonnment / adreswijzigingadverterenarchieflinks

nieuws

18 NOVEMBER 2009

MEER OVERWINTERENDE WATERVOGELS

Het aantal doortrekkende en overwinterende watervogels in Nederland is de laatste jaren flink toegenomen, zo blijkt uit een recente publicatie van het Milieu en NatuurCompendium.
Dat geldt vooral voor ganzen en zwanen, en minder sterk voor de stletlopers en de eenden. Per soort zijn er ook grote verschillen te zien. Zo zijn de krakeend, krooneend, knobbelzwaan, brandgans en nijlgans toegenomen, terwijl de strandplevier, waterhoen en scholekster zijn achteruitgegaan.
Voor veel trends wordt aangenomen dat ze vooral veroorzaakt zijn door veranderende voedselbeschikbaarheid, als gevolg van veranderingen in waterkwaliteit, het menselijk gebruik van het water, natuurontwikkeling en beheer.
Gemiddeld verbleven in Nederland in de periode juli 2005 - juni 2006 2,5 miljoen watervogels per maand. In de winter zijn de aantallen doortrekkende en overwinterende watervogels het hoogst. Zo zijn er in januari 2006 5,4 miljoen watervogels in Nederland geteld.


lees meer
5 NOVEMBER 2009

DUINEN GEEN EENHEIDSWORST

De plantengroei van de Nederlandse duinen dreigt een saaie eenheidsworst te worden. Terwijl deze in aanleg een grote variatie vertoont, die samenhangen met verschillen in de samenstelling van het duinzand. In het duinbeheer moet daarom meer oog zijn voor maatwerk. Dat stelt Anton van Haperen in zijn proefschrift.
De verschillen in de plantengroei van de Nederlandse kalkrijke duinen zijn bekend sinds de eerste helft van de vorige eeuw. Toch wordt deze plantengroei meestal nog over één kam geschoren, als het zogenoemde renodunaal floradistrict. Volgens van Haperen is dat niet juist.
De verschillen tussen de duinbegroeiing op Walcheren en Schouwen enerzijds en Goeree, Voorne en de Hollandse vastelandskust anderzijds kunnen bijvoorbeeld worden verklaard door de geologische geschiedenis en de stromingspatronen langs de kust. Ook de mens speelt een belangrijke rol. Tot halverwege de 18e eeuw vertoonde het duingebruik weinig variatie. Daarna gingen zich grote verschillen voordoen. Bovendien werden met de kustverdediging in Zuidwest-Nederland grote delen van de stuivende duinen vastgelegd, waardoor uigte en struweel de overhand kregen, terwijl veel kenmerkende duinplanten en –dieren voor hun voortbestaan afhankelijk zijn van pionierstadia en open, weinig begroeide landschappen. Naast oog voor de verschillende uitgangssituaties en maatwerk in beheer, is dan ook herstel van de kust- en duindynamiek een voorwaarde voor de instandhouding van de gevarieerde plantengroei van het duinlandschap.


lees meer


Boomblad is een tweemaandelijkse
uitgave van
Uitgeverij Landwerk