nieuws
10 NOVEMBER 2006
Ecologische competitiemodellen onvoldoende onderbouwd
Ecologen begrijpen nog erg weinig van competitie bij voedselzoekende dieren. Dit concludeert Wouter Vahl op basis van zijn promotieonderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Zijn bevindingen kunnen grote gevolgen hebben voor veelgebruikte verspreidingsmodellen.
Vahl onderzocht de competitie bij wadvogels. Op basis van zijn onderzoeksresultaten concludeert hij dat de verspreidingsmodellen van vogels op wadplaten en de voorspellingen die daarop gebaseerd zijn onvoldoende onderbouwd zijn. Vahl: ‘Kwantitatieve uitspraken in milieueffectrapportages worden te serieus genomen. Bijvoorbeeld het aantal vogels dat zou verdwijnen als er ergens een haven wordt aangelegd. Die getallen moet je met een flinke korrel zout nemen omdat de modellen op uiterst gebrekkige kennis gebaseerd zijn.’
Vahl bestudeerde vooral de mechanismen van competitie bij voedselzoekende kanoeten en steenlopers, en richtte zich daarbij op de interferentiecompetitie. ‘Dat wil zeggen: competitie waarbij nadelige effecten het gevolg zijn van interacties tussen individuen. Sommige dieren vechten bijvoorbeeld veel om voedsel. Dit kan nadelig zijn, omdat dit een boel tijd en energie kost’, aldus Vahl.
Voor het onderzoek gebruikte hij een zogenoemd ‘kunstwad’ met kunstmatige getijden van onderzoeksinstituut NIOZ op Texel. Dit had als voordeel dat de omstandigheden regelbaar en controleerbaar waren. De promovendus bood op verschillende manieren voedsel aan en keek vervolgens nauwkeurig hoe de vogels reageerden. De resultaten waren verrassend: de vogels bleken geen voedsel van elkaar te stelen - waar ecologen traditiegetrouw van uitgaan - maar vochten wél om voedselplekjes.
Informatie: www.rug.nl
Bron: Rijksuniversiteit GroningenZie ook: rapport