homerapportenservicecolofonabonnment / adreswijzigingadverterenarchieflinks

nieuws

16 JANUARI 2007
Veldleeuwerik neemt sterk in aantal af
Van de negen soorten weidevogels nemen er acht in aantal af. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. Opvallend is de sterke achteruitgang van de veldleeuwerik, met meer dan vijf procent per jaar. In het agrarisch gebied is de soort in vijftien jaar met zestig procent afgenomen.

In de jaren '70 was de veldleeuwerik nog een uiterst talrijke broedvogel met meer dan 500 duizend broedparen, maar het huidige aantal wordt op vijftig- tot zeventigduizend paren geschat.
De meeste andere weidevogels nemen de laatste tien jaar matig in aantal af. Dat geldt voor de gele kwikstaart, de kievit, de scholekster, en ook voor de grutto, die vanwege zijn internationaal bedreigde status de meeste aandacht in de media krijgt. De tureluur en graspieper daarentegen zijn stabiel, volgens de criteria van het CBS, en alleen bij de kuifeend is er sprake van een matige toename.
Regionaal laten de populaties een paar uitschieters zien. De meest opvallende is de gele kwikstaart, die in Noord- en West-Nederland veel sterker afneemt dan landelijk. In het noordelijke laagveengebied is er bovendien een sterke afname van zowel de scholekster, de tureluur en de grutto.
De gegevens van de negen vogelsoorten worden sinds 1990 verzameld door het weidevogelmeetnet, een samenwerkingsverband tussen CBS, SOVON Vogelonderzoek Nederland en de provincies. Jaarlijks tellen de provincies en vrijwilligers in meer dan duizend proefvlakken het aantal broedparen van weidevogels.

Informatie: www.cbs.nl/nl-NL/menu/publicaties/webpublicaties/webmagazine/cijfers-in-het-kort/2006-49-2-sl.htm
Bron: Boomblad


Boomblad is een tweemaandelijkse
uitgave van
Uitgeverij Landwerk